Rathenau Instituut
Relevantiewijzer
Om de test af te kunnen ronden, dient elke vraag beantwoord te worden. Maak a.u.b. een keuze uit onderstaande antwoorden.
Inleiding
Vraag 1
Vraag 2
Vraag 3
Vraag 4
Vraag 5
Vraag 6
Vraag 7
Vraag 8
Vraag 9
Vraag 10
Vraag 11
Vraag 12
Vraag 13
Vraag 14
Vraag 15
Vraag 16
Vraag 17
Vraag 18
Vraag 19
Vraag 20
Vraag 21
Vraag 22
Vraag 23
Vraag 24
Vraag 25
Vraag 26
Vraag 27
Vraag 28
Afronding
Inleiding
De Relevantiewijzer voor wetenschappers
Een zelftest om te ontdekken hoe valorisatie bij jou past
Ontwikkeld door het Rathenau Instituut met medewerking van De Jonge Akademie
Vind je het vanzelfsprekend om wetenschappelijke kennis te verspreiden en jouw bevindingen ook buiten de universiteit bruikbaar te maken? Of vind je valoriseren -het toepasbaar maken van kennis- geen taak van wetenschappers en besteed je je tijd liever aan onderzoek? Vul De Relevantiewijzer in en ontdek binnen 10 minuten welk valorisatietype jij bent. Kijk waar jouw valorisatie-kansen liggen. En lees in een sterdiagram welke valorisatie-domeinen het meest bij jou passen.
De test bestaat uit 16 scenario-vragen en een aantal korte persoonlijke vragen. Stel je bij iedere vraag de beschreven situatie voor, ook als deze wat minder van toepassing is op jouw situatie. Kies steeds het meest passende antwoord. Je blijft anoniem en krijgt meteen de uitslag van de test.
Vraag 1
Vraag 1
Je leest op de Opiniepagina van je favoriete dagblad een waardeloos verhaal over een onderwerp dat nauw aansluit bij jouw onderzoekswerk. Wat doe je?
Ik spring in de pen en schrijf een kritische reactie.
Het zou goed zijn om te reageren, maar ik moet nog een peer-review schrijven voor een wetenschappelijk tijdschrift.
Ik haal mijn schouders op; ik ben eraan gewend dat veel mensen mijn onderzoeksterrein niet begrijpen
Vraag 2
Vraag 2
Je wordt gebeld met de vraag of je zitting wil nemen in een adviescommissie van een ministerie over een onderwerp waar je veel over weet. Wat doe je?
Ik zeg nee, want ik zie het niet als mijn taak om beleidsmakers te informeren.
Ik twijfel, maar neem de uitnodiging toch aan omdat dit goed staat op mijn CV.
Ik neem de uitnodiging aan, want ik vind het leuk om advies te geven over mijn vakgebied.
Ik voel me verplicht te participeren. Het is belangrijk dat beleidsmakers door experts worden geïnformeerd.
Vraag 3
Vraag 3
Je doet een ontdekking waar je een commercieel product op zou kunnen baseren. Hoe reageer je?
Misschien zou ik een patent moeten aanvragen, maar ik weet niet welke stappen ik zou moeten nemen.
Wauw! Ik wil graag een patent aanvragen en maak meteen een afspraak met de persoon binnen onze organisatie die me daarbij kan helpen.
Niks. Als wetenschapper voel ik me niet geroepen om kennis te "vermarkten".
Vraag 4
Vraag 4
Je wordt benaderd door een middelbare school, met de vraag of je een themamiddag wilt verzorgen. Wat doe je?
Ik zou het best leuk vinden, maar doe het toch maar niet. Ik zou een halve vakantiedag moeten opnemen omdat dit volgens mijn werkgever niet bij mijn takenpakket hoort.
Ik zeg nee, want ik denk dat mijn onderzoekswerk niet interessant is voor scholieren.
Ik zeg ja. Dit is een goede manier om scholieren enthousiast te krijgen voor wetenschappelijk onderzoek.
Vraag 5
Vraag 5
Je universiteit/instituut heeft een nieuwsbericht over jouw meest recente publicatie op de website geplaatst. Onderaan wordt de mogelijkheid geboden om het bericht onder de aandacht te brengen via Twitter, Facebook of LinkedIn. Wat doe je?
Niets, ik doe niet aan Twitter/Facebook/LinkedIn of ik gebruik die alleen maar voor privédoeleinden.
Ik maak meteen gebruik van deze mogelijkheid, want ik weet dat mijn leidinggevende dit zal waarderen.
Ik plaats meteen een berichtje via Twitter, Facebook of LinkedIn met de link, want ik ben trots op mijn publicatie en vind het belangrijk de reactie van anderen te horen.
Vraag 6
Vraag 6
De landelijke vereniging van hobbyisten op jouw onderzoeksterrein vraagt je om een driemaandelijkse column in hun clubblad. Daarin zou je kunnen vertellen over de nieuwste ontwikkelingen op jouw wetenschapsterrein die interessant zijn voor de hobbyisten. Wil je dit?
Ja, want hobbyisten zijn net als ik liefhebbers van het vak.
Het zou misschien best een goede manier zijn om de nieuwste onderzoeksresultaten met een breder publiek te delen, maar persoonlijk heb ik niks met zo'n club hobbyisten.
Ik denk niet dat ik hobbyisten daar een plezier mee doe. Mijn wetenschapsgebied is behoorlijk abstract.
Vraag 7
Vraag 7
Je wordt gevraagd een cursusdag te organiseren voor een groep professionals op jouw vakgebied als onderdeel van hun “lifelong learningtraject”. Doe je dit?
Ja, leuk! Door het onderwijzen van de professionals geef ik de praktijk (indirect) vorm.
Nee, ik vind “lifelong learning” belangrijk, maar weet niet of ik zelf een hele dag kan vullen.
Nee, ik vind het niet belangrijk genoeg. Als ze interesse hebben in mijn werk kunnen ze mijn artikelen lezen.
Vraag 8
Vraag 8
De Tweede Kamer houdt een hoorzitting over een belangrijke politieke kwestie op jouw vakgebied. Jij wordt gevraagd om je opinie te geven tijdens deze zitting. Wil je dit?
Nee, want ik ben bang dat ik uit de tent word gelokt en dingen ga zeggen die ik niet hard kan maken.
Ik wil wel maar dit levert mij te weinig extra waardering op binnen het wetenschapssysteem.
Uiteraard! Ze moeten in Den Haag goed op de hoogte zijn van de laatste stand van zaken in de wetenschap en die kan ik leveren.
Nee, want ik wil niet dat mijn kennis wordt gebruikt voor politieke spelletjes.
Vraag 9
Vraag 9
Op een verjaardag ontmoet je een medewerker van een multinational. Die hoort wat je doet, en vraagt of je een keer een masterclass wil geven voor de R&D-afdeling. Doe je het?
Ja leuk, ik praat graag over mijn werk. En wie weet levert het ons nog financiering op voor vervolgonderzoek.
Ja, maar alleen omdat de medewerker een vriend is van mijn vriend. Ik zie eigenlijk niet in wat ze aan mijn verhaal hebben.
Nee, ik voel er weinig voor om mijn kennis ter beschikking te stellen voor commerciële doeleinden.
Vraag 10
Vraag 10
Een bedrijf vraagt je voor een kort onderzoeksproject. Het betaalt goed, maar de uitkomsten blijven vertrouwelijk; je kunt ze niet publiceren. Doe je het?
Nee, want ik heb publicaties nodig; anders kan ik een wetenschappelijke carrière op mijn buik schrijven.
Ja, lijkt me leuk om te werken aan iets wat echt gebruikt gaat worden.
Nee, want ik ben bang dat ik te weinig zeggenschap houd over de opzet en uitvoering van het onderzoek.
Ja, want onze vakgroep/ons instituut kan dit soort extra inkomsten goed gebruiken. Goede contacten met bedrijven zijn erg waardevol.
Vraag 11
Vraag 11
Je wordt gevraagd om voor een thematische werkgroep van ambtenaren een praatje te houden over je onderzoek. Voel je hiervoor?
Ja, want ik hoop dat mijn kennis in beleidsadviezen benut kan worden. En wie weet bellen ze me later nog eens…
Nee, want ik investeer liever in wetenschappelijke contacten. Daar heb ik meer aan voor mijn carrière.
Ja, maar liever pas later, als mijn onderzoeksproject volledig afgerond is en ik precies weet wat mijn conclusies zijn.
Nee, want ik verwacht niet dat ze daadwerkelijk iets met nieuwe wetenschappelijke inzichten gaan doen.
Vraag 12
Vraag 12
Na een lezing benadert een journalist je met de vraag of je je presentatie wil bewerken tot een artikel voor de krant. Wat doe je?
Ik weiger. Als ik mijn verhaal te veel vereenvoudig, gaat de boodschap verloren.
Ik zou wel ja willen zeggen, maar ik word alleen afgerekend op wetenschappelijke publicaties en moet daar dus voorrang aan geven.
Ik zeg ja, want op deze manier zien ook niet-vakgenoten hoe interessant mijn onderzoek is.
Ik zeg ja, omdat ik weet dat bij de evaluatie van onze onderzoeksgroep ook wordt gekeken naar artikelen in de populaire media.
Vraag 13
Vraag 13
Je wordt gebeld door de redactie van De Wereld Draait Door met de vraag of je als expert wil aanschuiven aan tafel. Hoe reageer je?
Ik reageer meteen enthousiast en voel me gevleid dat ze me vragen.
Ik zou het leuk vinden om het te doen, maar zeg uiteindelijk nee omdat ik het te druk heb met mijn onderzoek.
Ik bedank vriendelijk. Wetenschap is geen amusement.
Op zich een mooie kans om meer bekendheid te geven aan mijn onderzoeksgebied, maar ik zou te zenuwachtig zijn om een goed verhaal te houden. Dus ik bedenk een smoes waarom ik niet kan.
Vraag 14
Vraag 14
Iemand van een ministerie vraagt je een kort onderzoek te doen ten behoeve van beleidsontwikkeling. Wat doe je?
Ik doe het, want dit type onderzoek is net zo uitdagend als fundamenteel onderzoek.
Ik zeg nee. Ik ben op zich een voorstander van samenwerking tussen wetenschap en beleid, maar ik laat het liever aan iemand anders over.
Ik bedank voor de eer. Het meeste beleidsonderzoek is nogal gekleurd, daar doe ik liever niet aan mee.
Ik zeg ja want derdegeldstroomonderzoek vormt tegenwoordig een belangrijke bron van inkomsten van onze vakgroep.
Vraag 15
Vraag 15
Een middelbare scholier mailt je omdat zij bezig is met een profielwerkstuk over het onderzoeksveld waar jij expert in bent. Ze vraagt of ze je mag interviewen. Wat doe je?
Ik zeg nee, ik krijg zoveel van dit soort verzoeken en het voelt als een druppel op de gloeiende plaat.
Ik maak een afspraak met haar, want interesse voor de wetenschap begint op school.
Ik mail enthousiast terug, maar door tijdgebrek kan ik haar alleen maar verwijzen naar mijn website die redelijk publieksvriendelijk is.
Ik zeg ja want dit is een potentiële student, en hogere studentenaantallen betekenen bij ons meer inkomsten en daarmee ook geld voor onderzoek.
Vraag 16
Vraag 16
Een ondernemende student wil een bedrijfje starten om een vinding uit zijn afstudeeronderzoek commercieel in de markt te zetten. Hij vraagt je hem te steunen als adviseur. Wat doe je?
Ik zeg toe, want ondernemerschap rond de universiteit verdient steun.
Ik voel me gevleid, maar zeg dat ik niet meer kan bieden dan een incidenteel advies. Ik ben wetenschapper, geen ondernemer.
Ik ontmoedig het plan. Ik adviseer hem zich te concentreren op zijn studie. Met een diploma op zak zijn er genoeg mooie banen te vinden bij bestaande bedrijven.
Vraag 17
Vraag 17
Nu volgen een aantal korte persoonlijke vragen. Je blijft anoniem in deze test!
In welk vakgebied ben je werkzaam?
Geesteswetenschappen
Sociale en gedragswetenschappen
Medische wetenschappen
Natuurwetenschappen
Vraag 18
Vraag 18
Wat is je huidige positie?
Promovendus / junior onderzoeker
Post-doc onderzoeker
Universitair (hoofd)docent / senior onderzoeker
Hoogleraar / afdelingshoofd
Vraag 19
Vraag 19
Bij wat voor organisatie werk je?
Universiteit
Onderzoeksinstituut
Bedrijf
Overig
Vraag 20
Vraag 20
Wat is je geslacht?
Man
Vrouw
Vraag 21
Vraag 21
De volgende vragen gaan over jouw activiteiten op valorisatiegebied.
Hoe vaak heb je in de afgelopen vijf jaar een (opinie)stuk geschreven voor de krant?
Nooit
Eén keer
Meer dan één keer
Vraag 22
Vraag 22
Hoe vaak heb je in de afgelopen vijf jaar een artikel geschreven voor een niet-wetenschappelijk vaktijdschrift?
Nooit
Eén keer
Meer dan één keer
Vraag 23
Vraag 23
Hoe vaak heb je in de afgelopen vijf jaar meegewerkt aan een advies voor een ministerie of andere overheidsinstantie?
Nooit
Eén keer
Meer dan één keer
Vraag 24
Vraag 24
Hoe vaak heb je in de afgelopen vijf jaar een opdrachtonderzoek gedaan voor de overheid?
Nooit
Eén keer
Meer dan één keer
Vraag 25
Vraag 25
Hoe vaak heb je in de afgelopen vijf jaar een patent aangevraagd en/of zelf een bedrijf opgericht?
Nooit
Eén keer
Meer dan één keer
Vraag 26
Vraag 26
Hoe vaak heb je in de afgelopen vijf jaar een onderzoek voor een bedrijf uitgevoerd?
Nooit
Eén keer
Meer dan één keer
Vraag 27
Vraag 27
Hoe vaak heb je in de afgelopen vijf jaar een les/project verzorgd voor het middelbare of basisonderwijs?
Nooit
Eén keer
Meer dan één keer
Vraag 28
Vraag 28
Hoe vaak heb je in de afgelopen vijf jaar een bijdrage geleverd aan post-master en/of volwasseneneducatie?
Nooit
Eén keer
Meer dan één keer
Afronding
Afronding
Dit waren alle vragen. Ontdek nu welk valorisatietype je bent en waar je kansen liggen.
Vorige vraag
Volgende vraag