Opgeteld besteden de ministeries daaraan in 2016 nog 4,4 miljard euro, een daling van 400 miljoen ten opzichte van 2012 en van 700 miljoen ten opzichte van 2010. De daling komt door het aflopen van onderzoeksprogramma’s en door bezuinigingen op instituten voor toegepast onderzoek.
Het totale bedrag voor onderzoek aan universiteiten stijgt licht: naar verwachting gaat de eerste geldstroom van ruim 2,3 miljard dit jaar naar ruim 2,4 miljard in 2016. Ook als percentage van het Bruto Binnenlands Product dalen de overheidsuitgaven voor onderzoek, tot naar schatting 0,69% (in 2016). Dat blijkt uit cijfers die het Rathenau Instituut vandaag publiceert.
De TOF cijfers worden al meer dan dertig jaar gepubliceerd, waarbij internationale afspraken gevolgd worden over wat geldt als overheidsuitgaven voor onderzoek. De berekening van de eerste geldstroom voor universitair onderzoek volgt de systematiek van het CBS. Daarbij is vanzelfsprekend gebruik gemaakt van de cijfers die voorhanden zijn. Deze voorpublicatie is uitgebracht op verzoek van meerdere partijen op het gebied onderzoek- en wetenschapsbeleid. De definitieve publicatie zal dit voorjaar verschijnen, waarin ook teruggekeken wordt op de overheidsuitgaven. Mochten in de tussentijd beleidsvoornemens op het gebied van onderzoeksbeleid een concrete uitwerking krijgen dan worden die meegenomen. Dit geldt ook als er nieuwe cijfers zijn over het gebruik van de eerste geldstroomfinanciering.
Lees het persbericht
Download Voorpublicatie Totale Onderzoek Financiering (TOF) 2010–2016
Download onderliggend cijfermateriaal: TOF 2012 totaalbestand (excelbestand)
Meer informatie:
- Project Feiten en cijfers
