Overheid
De rijksoverheid financiert een belangrijk deel (ongeveer 40 procent) van het Nederlandse onderzoek. In 2013 gaat het om ongeveer € 4,7 miljard. Overheidsfinanciering van wetenschappelijk onderzoek vindt op verschillende manieren plaats: rechtstreeks en via fiscale stimuleringsregelingen.
Directe overheidsfinanciering
- Vaste bijdragen aan instellingen (zogenaamde institutionele financiering of basisfinanciering), waarvoor al dan niet een beheersmatige verantwoordelijkheid bestaat
- Het financieren van onderzoek via intermediaire organisaties (zoals NWO en Agentschap NL)
- Het financieren van onderzoek via eigen (kennis)instituten, zoals bij Veiligheid en Justitie en VWS
- Het rechtstreeks financieren van beleidsgericht onderzoek (via de financiering van projecten of programma's)
Een deel van het overheidsbudget, ongeveer € 200 miljoen, gaat op basis van internationale verdragen naar internationale organisaties (CERN, ESA, ESO, EMBL en EMBC) of naar buitenlandse onderzoekers (met name vanuit het ministerie van Buitenlandse Zaken).
Lees verder over de ministeries en hun uitgaven voor onderzoek
De overheid zet een deel van haar middelen uit via de volgende programma's:
- De overheid is direct betrokken bij programma's en projecten gefinancierd uit het Fonds Economische Structuurversterking (FES). Dit fonds wordt gevoed vanuit de aardgasbaten. Het Kabinet Rutte I heeft in 2010 besloten uit dit fonds geen onderzoeksprojecten meer te financieren, wat betekent dat de lopende projecten worden afgebouwd.
- De activiteiten van het Platform Bèta Techniek, met een bredere invalshoek dan onderzoek.
Het Kabinet Rutte I heeft tevens besloten een omslag te maken van specifieke programma's naar generiek fiscaal beleid, waardoor ook de innovatieprogramma's, zoals de innovatiegerichte onderzoeksprogramma's (IOP's), zullen worden afgebouwd.
Indirecte financiering
Fiscale stimulering is geregeld in de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO), een regeling waarmee de Nederlandse overheid een deel van de loonkosten voor onderzoek en ontwikkelingswerk compenseert. De WBSO, die vanaf 1994 bestaat, heeft door de jaren heen een gestage groei doorgemaakt in budget en aantallen projecten. De omvang van de WBSO bedroeg in 2013 €743 miljoen. Agentschap NL (voormalig SenterNovem) voert namens de overheid de WBSO uit.
De WBSO kent drie faciliteiten:
- Een tegemoetkoming in de loonkosten van onderzoek en ontwikkelingswerk in de vorm van een vermindering van de af te dragen loonheffing
- Een aftrek S&O voor zelfstandige ondernemers
- Een extra tegemoetkoming voor startende ondernemers of ondernemingen
Zie voor meer informatie over de WBSO, Agentschap NL
Vanaf 2012 is, als aanvulling op de WBSO, een nieuw fiscaal instrument in het leven geroepen, de Research and Development Aftrek ofwel RDA. Waar de WBSO wordt gebruikt voor de personele kosten, is de RDA bedoeld voor de andere kosten die in het kader van R&D-projecten worden gemaakt (R&D-investeringen en R&D-exploitatiekosten). Agentschap NL voert ook deze regeling uit. een aanvraag voor de RDA moet tegelijk met een aanvraag voor de WBSO worden ingediend. De verrekening van het daadwerkelijke voordeel vindt plaats via de aangiftes bij de Belastingdienst.
De RDA startte met een budget van € 250 miljoen in 2012, oplopend tot € 375 miljoen in 2013 en € 500 miljoen vanaf 2014.