calendar tag arrow download print
Image

Veelgestelde vragen

Online meebeslissen
Wie heeft gevraagd om het rapport?

Het Europees Parlement. Dat zag dat deelnemers aan digitale participatietrajecten vaak teleurgesteld waren over de effecten ervan: hun inbreng leek maar weinig impact te hebben op de uiteindelijke afwegingen en besluiten. Daarom vroeg het aan het Rathenau Instituut en drie zusterorganisaties om een studie naar bestaande literatuur en naar internationale voorbeelden. Ook wilde het Europees Parlement weten hoe het anders kan.

De onderzoeksafdeling van het Europees Parlement op het gebied van wetenschap en technologie, genaamd STOA (Science and Technology Options Assessment), begeleidde het onderzoek.

Wat is onderzocht?

We hebben bestaande digitale ‘tools’ onderzocht die op EU-niveau ingezet kunnen worden om de participatieve en directe democratie te stimuleren. Daartoe hebben we systematisch literatuuronderzoek gedaan; we hebben 400 publicaties gelezen over digitale democratie, haar effecten en de gedocumenteerde lessen over succes en falen.

Daarnaast hebben we 22 lokale, nationale en Europese initiatieven voor digitale participatieprocessen geanalyseerd en met elkaar vergeleken. Per casus is literatuuronderzoek gedaan en zijn vragenlijsten en interviews afgenomen. Daarna hebben we de casussen geanalyseerd met de zogenoemde Qualitative Comparative Analysis-methode.

 

Waarom is dit belangrijk?

Burgers willen graag meer kunnen meebeslissen over belangrijke politieke kwesties, zoals de plaatsing van windmolens op land. Maar hoe is zulke online betrokkenheid bij de besluitvorming – ook wel ‘digitale burgerparticipatie’ genoemd – op een goede manier te organiseren? Deze vraag leeft op Europees, nationaal en lokaal niveau:

  • Zo experimenteert de Europese Commissie regelmatig met manieren om burgers online bij haar besluitvorming te betrekken.
     
  • Voor de Eerste en Tweede Kamer was de vraag aanleiding voor de instelling van een staatscommissie die zal adviseren of het huidige parlementaire stelsel moet veranderen.
     
  • En op lokaal niveau leidde de vraag tot ‘Code Oranje’, een pleidooi voor democratische innovatie door burgemeesters, wethouders, raadsleden, actieve burgers, wetenschappers en ondernemers.
Welke aanbevelingen worden gedaan?

Uit onze analyse blijkt dat digitale participatie de democratie kan versterken. Om het risico op teleurstelling en onvrede te beperken, kan de overheid of politiek aan enkele voorwaarden voldoen:

  1. Verbind het proces aan een concrete agenda of besluit.
  2. Wees helder over het proces en doel.
  3. Geef feedback aan de deelnemers.
  4. Doe meer dan handtekeningen verzamelen.
  5. Mobiliseer op maat: online en offline.
  6. Herhaal en verbeter.

 

Hoe denken de belanghebbenden over dit onderwerp?

Tijdens het onderzoek en ook daarna was er in de media en in de politiek veel discussie over manieren om burgers meer te betrekken bij democratische besluitvorming. Burgers hebben een expliciete wens om meer te kunnen meebeslissen over belangrijke politieke kwesties.

Tegelijk wordt veel waarde toegekend aan de representatieve democratie. Uit dit onderzoek blijkt dat we mogelijkheden om online mee te beslissen moeten zien als een goede aanvulling op de representatieve democratie en niet als een bedreiging. Meer betrokkenheid van kiezers betekent namelijk niet dat gekozen politici minder betrokken moeten zijn.