• U moet ingelogd zijn om onderwerpen te kunnen volgen.

    Log-in als u al een account heeft of maak een gratis account aan.

R&D-investeringen in internationaal perspectief

Research and Development (R&D) is van doorslaggevend belang voor economische groei en welvaart. Het is belangrijk om te weten hoeveel wij en hoeveel andere landen besteden aan R&D omdat het een indicatie kan geven over welk beleid succesvol blijkt te zijn in een bepaalde context. In deze factsheet worden de R&D-investeringen in Nederland in een internationale context gezet.

R&D-uitgaven

De hoeveelheid geld die besteed wordt aan onderzoek en ontwikkeling (R&D-uitgaven) is belangrijke informatie voor nationale en internationale beleidsmakers. In het bijzonder worden statistieken over R&D-uitgaven gebruikt om te kijken wie R&D uitvoert, het financiert en waar het plaatsvindt.

Onderstaande grafiek laat voor een aantal landen zien hoeveel R&D er wordt uitgevoerd door de verschillende sectoren, uitgedrukt als percentage van het BBP. Er is een groot verschil tussen de R&D-intensiteit van landen. Verschillen zijn er ook voor de verhouding in R&D-intensiteit tussen de verschillende sectoren. Wat betreft het totaal aan R&D zit Nederland boven het gemiddelde van de EU-28 maar onder dat van de OESO-landen. Verder valt op dat Nederland een lagere R&D-intensiteit heeft dan een aantal landen  waarmee het zich wil vergelijken.

R&D-uitgaven naar uitvoerende sector, als % van het BBP, 2015

Gegevens: Download als csv bestand
Bron: OESO / MSTI
Notities: a) 'Hoger onderwijs’ omvat universiteiten, universitair medische centra, hbo instellingen; de Private Non-Profit sector is opgenomen bij de sector ‘Researchinstellingen’. b) Ierland: 2014; Australië: 2013; Zwitserland: 2012. VS: exclusief merendeel kapitaaluitgaven.


De R&D-uitgaven door het bedrijfsleven van Nederland bedragen 1,1 procent van het BBP, net boven Noorwegen en Ierland, maar onder het gemiddelde van de EU-28 en het merendeel van de referentielanden. Wat betreft de R&D-uitgaven in het hoger onderwijs en researchinstellingen zit Nederland in de top van de middenmoot.

Financiering door overheid van R&D

De indicator laat de omvang van de financiering van R&D door de overheid zien, uitgedrukt als percentage van het BBP. Landen verschillen qua R&D-intensiteit van de overheidsfinanciering.  De Nederlandse overheidsfinanciering zit net boven het gemiddelde van EU-28, en is nagenoeg gelijk aan dat van de OESO-landen.

R&D-uitgaven, gefinancierd door de overheid, in % van het BBP, 2015

Gegevens: Download als csv bestand
Bron: OESO / MSTI
Notities: a) Gebaseerd op gegevens van de uitvoerders van R&D. b) Australië: 2008; België, Oostenrijk en Zweden: 2013; Frankrijk, Ierland, Italië, EU-28 en EU-15: 2014.


Financiering door bedrijven van R&D bij publieke kennisinstellingen

Publieke kennisinstellingen (hoger onderwijsinstellingen en publieke researchinstellingen) krijgen hun financiering uit verschillende bronnen. De overheid is de belangrijkste financier maar een deel komt ook van het bedrijfsleven.

Onderstaande grafiek laat zien in welke mate de R&D-activiteiten van de publieke kennisinstellingen door het bedrijfsleven worden gefinancierd. In vergelijking met andere landen kent Nederland een relatief hoog percentage aan private financiering bij publieke kennisinstellingen. Bij buurlanden Duitsland en België ligt dit aandeel nog iets hoger.

R&D-uitgaven publieke kennisinstellingen, privaat gefinancierd, in %, 2015

Gegevens: Download als csv bestand
Bron: OESO / MSTI. Bewerking: Rathenau Instituut
Notities: a) De indicator telt de waarden van de bedrijfsgefinancierde uitgaven voor R&D in de sector hoger onderwijs (industry financed HERD) en de bedrijfsgefinancierde uitgaven voor R&D in de sector onderzoeksinstituten (industry financed GOVERD) op in de teller en deelt dat door de som van de uitgaven voor R&D in de sector hoger onderwijs en de sector onderzoeksinstituten in de noemer. b) België, Finland, Zweden: 2013. Australie, Oostenrijk, Frankrijk en Italië: 2014

Over de data

De OESO Frascati Manual is de erkende wereldwijde standaard voor het verzamelen en rapporteren van internationaal vergelijkbare statistieken over de financiële en personele middelen voor onderzoek en experimentele ontwikkeling, beter bekend als R&D (in het Nederlands: Onderzoek en Ontwikkeling – O&O). De Frascati Manual vormt de basis voor een gemeenschappelijke taal voor discussies over R&D en de resultaten ervan.

De MSTI database, gebaseerd op de dataverzameling door landen op basis van de Frascati Manual, biedt een set van indicatoren die het niveau en de structuur van de inspanningen van de OESO-landen en zeven niet-lid economieën (Argentinië, China, Roemenië, Rusland, Singapore, Zuid-Afrika, Chinese Taipei) op het gebied van wetenschap en technologie vanaf 1981 weergeven. De indicatoren in de database hebben betrekking op de middelen voor onderzoek en ontwikkeling (R&D), patenten, technologische betalingsbalans en de internationale handel in R&D-intensieve industrieën.