Stel grenzen aan kunstmatige intimiteit
De nieuwste digitale technologieën grijpen steeds dieper in op ons sociale en intieme leven. Er is echter nauwelijks maatschappelijk en politiek debat over de fundamentele vragen die dat oproept. Het is tijd dat de politiek grenzen stelt aan de vermarkting van AI-liefde, vriendschap en rouw.
Veel AI-toepassingen zijn gericht op het verhogen van onze productiviteit: het sneller verwerken van teksten of het creëren van beelden of andere ‘output’. Deze toepassingen van AI zijn volop onderwerp van debat: hoe gaat AI ons werk en leervermogen beïnvloeden? Wat gebeurt er met onze cognitieve vaardigheden als we denkwerk continu uitbesteden aan AI?
Belangrijke vragen, maar ze blokkeren het zicht op een ander type AI-toepassingen dat snel groeit: AI als virtuele vriend, geliefde of therapeut. Of denk aan de opkomst van ‘rouwtechnologie’, waarmee je met behulp van foto’s, video’s en voicemails een overleden dierbare kunt nabootsen, zodat je nog met die persoon kunt ‘praten’.
Deze nieuwe toepassingen markeren een belangrijke verschuiving in onze relaties tot machines. Eerder verbond digitale technologie mensen met elkaar. Nu gaan mensen een persoonlijke en intieme relatie aan mét de technologie. Over de vraag hoe deze toepassingen onze sociale vaardigheden en sociale relaties gaan beïnvloeden gaat het echter nauwelijks.
Maar kunstmatige intimiteit tast de kern aan van wat ons mens maakt: empathisch vermogen, betrokkenheid, putten vanuit geleefde ervaringen. Het risico bestaat dat opkomende digitale technologie die sociaal contact belooft, ongemerkt onze sociale interacties uitholt, en sociale verbanden gaandeweg verschralen.
Als technologie het contact tussen mensen ondersteunt, staan mensen daar positief tegenover.
In de samenleving leven hierover veel zorgen. Het Rathenau Instituut sprak met circa 230 mensen met uiteenlopende achtergronden over de rol die technologie inneemt in sociale relaties. Hoe willen ze in de toekomst digitale technologie gebruiken in het contact met dierbaren? Welke zorgen leven er? Welke randvoorwaarden zijn er nodig om de ontwikkeling van deze toepassingen in goede banen te leiden?
Hieruit kwamen verschillende kwesties naar voren. Als technologie het contact tussen mensen ondersteunt, staan mensen daar positief tegenover. Digitale technologie helpt dan om een gevoel van nabijheid te ervaren. Stel dat we een knuffel op afstand als een echte knuffel kunnen ervaren?
Als technologie vooral bestaat uit interacties tussen mens en machine (zoals een chatbot) staan mensen daar wel open voor – zolang dit contact gericht is op het ondersteunen van menselijke relaties. Bijvoorbeeld door sociale vaardigheden te oefenen met een chatbot of het veilig uitproberen van intieme handelingen in een virtuele omgeving. Er zijn ook zorgen: kun je sociale ontmoetingen niet beter leren van een mens dan van een computer?
Het meest kritisch zijn mensen op toepassingen waar de interactie tussen mens en machine het doel op zich is. Denk aan apps als Replika of Eva die zich aanbieden als digitale vriend of geliefde. Mensen vinden dit type systemen niet oprecht en authentiek. Ze maken zich zorgen over welzijn van gebruikers op de langere termijn, en de kwaliteit van sociale verbinding in de samenleving. Wat als mensen sociale vaardigheden verliezen als ze gewend raken aan het ‘frictieloze’ contact met een chatbot? Of als mensen te afhankelijk worden van hun digitale ‘metgezel’ of ‘rouwbot’, en aanbieders de prijzen verhogen?
Bij sociale media duurde het meer dan vijftien jaar voor de discussie over nadelige effecten over mentaal welzijn, ongewenste beïnvloeding en sociale verbinding breed in politiek en samenleving gevoerd werd.
Uit de gesprekken blijkt dat mensen graag zien dat de overheid duidelijke grenzen stelt aan het commercialiseren van liefde, vriendschap en rouw via digitale toepassingen. Ook vinden mensen dat de overheid oog moet hebben voor de achterliggende reden dat de digitale metgezel zo populair is. In een samenleving waarin tijd en aandacht schaars zijn, is het niet gek dat iemand zich wendt tot een digitale gesprekspartner die altijd klaar staat. Het is dus zaak dat de overheid helpt om het sociale weefsel in de samenleving te versterken.
Bij sociale media duurde het meer dan vijftien jaar voor de discussie over nadelige effecten over mentaal welzijn, ongewenste beïnvloeding en sociale verbinding breed in politiek en samenleving gevoerd werd. Laten we dit keer de risico’s tijdig serieus nemen en nu bepalen hoe dichtbij digitale technologie in de emotionele en relationele sfeer mag komen.
Dit opinieartikel verscheen eerder in Trouw.