Een genetisch eigen kind als heilige graal?

Gezondheid

Terugblik

Stel dat het zou lukken om eicellen uit bloed van een man te maken, en zaadcellen uit een vrouw? Dan komt een biologisch eigen kind voor mensen van hetzelfde geslacht dichtbij. Op 17 december 2025 praatten geïnteresseerden uit de lhbtiq+-gemeenschap hierover in NEMO Science Museum. De dialoogavond werd begeleid door het Rathenau Instituut. Hoe kijken lhbtiq+-personen naar de mogelijkheden, en wat staat er voor hen op het spel?

Bezoekers in de tentoonstelling Baby van de toekomst
Bezoekers van de tentoonstelling over eicellen en zaadcellen uit het lab denken na over Francesca die met haar partner, ook een vrouw, een kindje wil. Ook tijdens de dialoogavond ging het hierover. (Foto: DigiDaan)

In het kort:

  • Lhbtiq+-personen bij de dialoogavond over geslachtscellen uit het lab waren overwegend enthousiast.
  • Wel vroegen ze zich af of de samenleving er klaar voor is, of de techniek het belang van het kind dient en hoe we kosten en baten wegen.
  • Verder klonk een pleidooi voor niet-traditionele vormen van ouderschap.

Afgelopen december organiseerde het Rathenau Instituut de tentoonstelling Baby van de toekomst in NEMO Science Museum. Wetenschappers werken wereldwijd aan het maken van ei- en zaadcellen uit lichaamsmateriaal, zoals bloed. Dit wordt ook wel in-vitrogametogenese genoemd (IVG). In de tentoonstelling stonden de nieuwe mogelijkheden centraal van deze techniek.

Een biologisch eigen kind voor iedereen?

Wetenschappers noemen lhbtiq+-personen als een van de mogelijke toekomstige gebruikers van ei- en zaadcellen uit het lab. Want stel nou dat het lukt om een eicel te maken uit bloed van een man. Of een zaadcel uit bloed van een vrouw. Hoewel dit bij mensen nog niet kan, zijn er al zijn muizenpups geboren met twee biologische vaders.

Om te doordenken wat deze mogelijkheid voor mensen zou betekenen, organiseerde het Rathenau Instituut op 17 december 2025 in NEMO Science Museum een dialoogavond voor lhbtiq+-personen.

Hoewel deze techniek voor de deelnemers zelf niet op tijd zal komen, dachten velen dat dit in de toekomst een geweldige uitkomst zou zijn voor lhbtiq+-personen die een biologisch eigen kind willen. Tegelijkertijd kwamen er veel verschillende vragen en dilemma's op. Deze avond stond niet in het teken van antwoorden, maar liet vooral zien dat er veel kwesties nader verkend moeten worden voor de eventuele introductie van in-vitrogametogenese.

Is de samenleving er klaar voor?

Eén van de eerste punten die werd opgeworpen is de maatschappelijke acceptatie van gezinnen met twee ouders van hetzelfde geslacht. Deelnemers zagen dat in Nederland het geloof dat kinderen beter opgroeien in een traditioneel gezin met vader en moeder nog steeds sterk is, ondanks vele onderzoeken die het tegendeel bewijzen. Er was discussie over de vraag of onze samenleving al voldoende open zou staan voor een biologisch eigen kind van twee mensen van hetzelfde geslacht. Mogelijk is een cultuuromslag nodig voordat stellen van hetzelfde geslacht in-vitrogametogenese kunnen gebruiken. Tegelijkertijd werd er ook geopperd dat het gebruik van de techniek door homoseksuele personen die acceptatie ook juist kan helpen.

Ook werd opgeworpen dat de wens een biologisch eigen kind te krijgen een vorm van heteronormativiteit is – het nastreven van een relatie en gezinsleven volgens de traditionele normen van een man-vrouwrelatie. Doet deze technologie daarmee ook iets met wat het betekent om lhbtiq+-persoon te zijn? Gedurende de avond werd ook meermaals een pleidooi gehouden voor vormen van niet-traditioneel ouderschap, waarbij biologisch verwantschap niet centraal staat. Meerdere aanwezigen benadrukten hoe adoptie of het krijgen van een kind met een ander stel of een draagmoeder óók tot liefdevolle gezinnen leidt.

Het perspectief van het kind voorop

Het tweede thema was het perspectief van het kind. Wat zou het betekenen voor een kind om met eicellen en zaadcellen uit het lab verwekt te zijn? Hoe zou het zijn om te horen dat je 'uit een bloedcel' geboren bent? En kunnen we de gezondheidsrisico's voor (met name de eerste lichting) IVG-kinderen überhaupt van tevoren wel goed inschatten? Aan de andere kant, werd geopperd, kan de techniek het afkomstverhaal van kinderen simpeler maken. Zonder donor van ei- of zaadcel zijn immers minder partijen betrokken. Sommige deelnemers aan de dialoogavond wierpen zorgen op over prestatiedruk die kinderen kunnen ervaren doordat zij met een bepaalde verwachting zijn verwerkt. Voor een enkeling gaf het creëren van een biologisch eigen kind 'omdat de ouders dat zo graag willen' een gevoel van maakbaarheid. Dit was voor hen expliciet reden om de techniek niet te gebruiken.

De toegang tot IVG

Het derde thema van de avond was de toegang tot IVG-behandelingen. Wat worden de toegangscriteria voor gebruik van de techniek en wie bepaalt dat? Dit vonden deelnemers geen eenvoudige vraag om te beantwoorden, maar het leek ze wel logisch om, net zoals nu bij ivf, richtlijnen op te stellen. Deelnemers vonden het belangrijk dat er aandacht blijft voor alternatieven, zoals adoptie. Ook benadrukten ze het belang van geïnformeerde toestemming en controle om misstanden met gestolen lichaamscellen te voorkomen. Ten slotte waren er zorgen over internationale verschillen in regulering en eventueel medisch toerisme dat hierdoor kan ontstaan. Iedereen vond het onwenselijk dat rijke mensen meer toegang hebben dan mensen met minder te besteden.

De kostenbatenbalans

Tot slot werd gesproken over de balans tussen de mogelijke kosten en baten van zaadcellen en eicellen uit het lab. De mogelijkheid om gemakkelijker kinderen te krijgen, weegt voor veel deelnemers niet per definitie op tegen de potentiële gezondheidskosten voor mens en natuur. Zo vroeg men zich af wat de milieu-impact zou zijn van de techniek. Ook in het licht van overbevolking vroegen sommigen zich af hoe wenselijk deze ontwikkeling is. Tot slot kwamen er vragen op over de gevolgen voor de mensheid: kunnen er gevolgen zijn voor de 'natuurlijke' evolutie van de mens? Kan de menselijke soort zwakker worden door dit soort fertiliteits-innovaties? Zal het ten koste gaan van diversiteit? En leidt het uiteindelijk tot grotere afhankelijkheid van de wetenschap en technologie?

Nieuwe opties, nieuwe vragen, nieuwe normen

Een biologisch eigen kind voor mensen van hetzelfde geslacht is een totaal nieuwe mogelijkheid. Veel deelnemers dachten er deze avond pas voor het eerst over na en moesten wennen aan het idee. Hoewel het concept enthousiast ontvangen werd, bleken er ook veel vragen te zijn. De techniek lijkt voor veel mensen momenteel niet de heilige graal.

De huidige mogelijkheden en bijbehorende normen beïnvloeden hoe we nu kijken naar technologie. Zo is voor lhbtiq+-personen ouderschap waarbij genetisch verwantschap niet centraal staat, nu de standaard. Vanuit deze blik kijkt men nu naar in-vitrogametogenese. Tegelijkertijd kan de introductie van IVG voor lhbtiq+-personen ook normen veranderen. Deze avond kwamen er al verschillende aan bod. Zoals de vraag wat de techniek doet met de acceptatie van lhbtiq+-gezinnen en de lhbtiq-identiteit.

Of en hoe in-vitrogametogenese uiteindelijk het ouderschap voor lhbtiq+-personen zal veranderen, is ongewis. De verdere ontwikkeling van IVG zou dan ook in continue dialoog met potentiële gebruikers moeten gebeuren.

Gerelateerd: