calendar tag arrow download print
Image
Hybride aardappel
artikel
16 mei 2019

Hybride aardappel biedt kansen voor Nederland

Voedselvraagstuk Duurzaamheid
Aardappelen op de markt in Den Haag.
Iedere Nederlander eet per jaar zo’n tachtig kilo aan aardappelen en aardappelproducten. Vroeger was dat nog meer, maar wereldwijd neemt het belang van de aardappel als voedselgewas juist toe. ‘De hybride aardappel kan een bijdrage leveren aan de maatschappelijke uitdagingen van wereldvoedselzekerheid en duurzaamheid’, zegt Rosanne Edelenbosch, onderzoeker bij het Rathenau Instituut. Binnenkort brengt het Rathenau Instituut een rapport uit over deze hybride aardappel.

In het kort

  • ‘Hybride veredeling’: nieuwe techniek die kan bijdragen aan een duurzamere aardappelteelt.
  • In kortere tijd nieuwe aardappelrassen: bijvoorbeeld resistent tegen de beruchte ‘aardappelziekte’.
  • Aardappels kunnen bijdragen aan wereldvoedselvraagstuk en duurzaamheid.

Hoge verwachtingen

Momenteel wordt er in Nederland gewerkt aan een nieuwe techniek die kan bijdragen aan een duurzamere aardappelteelt en wereldwijde voedselzekerheid, de zogeheten hybride veredeling’.  De belofte is dat met deze techniek sneller nieuwe aardappelrassen op de markt kunnen worden gebracht. Bovendien kunnen hybride aardappelen uit zaad groeien in plaats van uit pootaardappelen. De verwachtingen zijn hoog; sommigen spreken zelfs van een aardappelrevolutie.

Hybride veredeling kwam voor het eerst prominent in beeld in 2009, toen de start-up Solynta stelde dat het mogelijk was om hybride aardappelen te ontwikkelen op basis van uitgangsmateriaal dat genetisch niet zo complex is als reguliere aardappelplanten. ‘Solynta is begonnen met een ielig aardappelplantje uit Zuid-Amerika dat genetisch minder complex was (in vaktermen: genetisch diploïde), en heeft die eigenschap over weten te brengen op onze Nederlandse aardappelrassen’, zegt collega-onderzoeker Geert Munnichs van het Rathenau Instituut.

Diploïde versus tetraploïde: Van nature zijn aardappels tetraploIïde, dit betekent dat zij vier van elk chromosoom hebben. Hierdoor krijg je heel veel verschillende nakomelingen, wat het lastig maakt om nieuwe eigenschappen in te kruisen. Door de aardappel diploïde te maken, wat inhoudt dat er van elk chromosoom van de aardappel er nog maar twee zijn, maak je het ‘inkruisen’ van eigenschappen een stuk gemakkelijker.

Tijd investeren voor tijdswinst

De hoop is dat door hybride veredeling de verbetering van aardappelrassen in de toekomst veel sneller gaat. Hiermee kunnen in kortere tijd nieuwe rassen met bepaalde eigenschappen worden ontwikkeld, die de aardappel bijvoorbeeld resistent maken tegen de beruchte aardappelziekte’. ‘Het kost nu weliswaar tijd om de hybride aardappel te ontwikkelen, maar uiteindelijk gaat het echt tijdwinst opleveren’, aldus Rosanne Edelenbosch.

De voordelen van de hybride aardappel

Aardappels zouden een enorme bijdrage kunnen leveren aan het wereldvoedselprobleem. ‘Ze zijn veel voedzamer dan bijvoorbeeld witte rijst, er zitten zoveel voedingsstoffen in dat je de aardappel ook als groente zou kunnen zien’, zegt Rosanne Edelenbosch. Tegelijk is de aardappel in China aan een opmars bezig, waardoor de vraag enorm toeneemt. De hybride aardappel biedt dus kansen.

Bovendien zouden de nieuw ontwikkelde rassen in de vorm van zaad beschikbaar kunnen komen, in plaats van als knollen. ‘Je kunt je voorstellen dat het vervoeren van zaad veel gemakkelijker is dan knollen. Het neemt minder ruimte in tijdens vervoer, wat ook de CO2-uitstoot vermindert. Dit draagt bij aan een duurzamere aardappelteelt.’

Het kost tijd om de hybride aardappel te ontwikkelen, maar uiteindelijk gaat het tijdwinst opleveren.
Rosanne Edelenbosch

Economische impact van de hybride aardappel

Er zijn ook risico’s verbonden aan het ontwikkelen van de hybride aardappel. In Nederland zijn we groot in pootgoed, de export van pootgoed wordt ook wel de ‘kurk’ genoemd waar de landbouwsector op drijft. Wat gebeurt er met de export als het aardappelzaadjes, in plaats van knollen worden? ‘Het zou disruptieve gevolgen kunnen hebben voor de bloeiende akkerbouwsector. Daarom kijken wij in ons rapport naar hoe zo’n duurzame hybride aardappel kan worden ontwikkeld zonder dat dat ten koste gaat van een vitale aardappel sector in Nederland’, aldus Geert Munnichs.

‘Het verdwijnen van pootgoed hoeft namelijk geen ramp te betekenen; we zouden in Nederland ook een interessant verdienmodel kunnen ontwikkelen op basis van kennis over de aardappel die wij exporteren, of de export van hybride zaadjes. Daarin ligt voor Nederland een grote kans.’

Hoe kunnen we onze tanden zetten in het wereldvoedselvraagstuk?