Inkomsten en uitgaven NWO

Geld

Datapublicatie

In deze datapublicatie tonen we de inkomsten en uitgaven van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). De eerste figuur laat de inkomsten en de omvang en ontwikkeling naar financieringsbron zien. De tweede figuur de uitgaven in de loop der jaren.

In het kort

  • Het grootste deel (85%) van de financiering van NWO komt van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).
  • Meer dan de helft van het NWO-geld gaat naar de universiteiten.
  • In 2024 stegen de uitgaven met €100 miljoen ten opzichte van 2023, terwijl de inkomsten met bijna €100 miljoen daalden.

Inkomsten vooral van OCW

Zo'n 79% tot 92% van de inkomsten van NWO komt van het ministerie van OCW. De baten van OCW nemen tussen 2001 en 2017 geleidelijk toe. In 2018 is er een grote stijging. De belangrijkste oorzaak voor deze stijging is een bedrag van 186 miljoen euro voor sectorplannen, voor de digitale en grootschalige infrastructuur, voor de Nationale Wetenschapsagenda en voor de regieorganen Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO) en Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderzoek SIA (NRPO-SIA). Naast inkomsten van OCW, heeft NWO ook nog overige baten en bijdragen van derden. De bijdragen van derden stijgen in de loop der tijd, maar dalen in 2020 (mogelijk als gevolg van de coronacrisis) naar 78 miljoen euro en stijgen in 2022 naar 134 miljoen euro. In 2024 is de bijdrage van derden gestegen naar 208 miljoen euro. De overige baten zijn grilliger, en schommelen tussen de 5 en 20 miljoen euro. 


Uitgaven vooral aan universiteiten en instituten

De totale uitgaven van NWO zijn sinds 2015 flink gestegen, mede door het toegenomen takenpakket van NWO. In 10 jaar tijd zijn de totale uitgaven per jaar met meer dan 500 miljoen euro toegenomen tot ruim 1,4 miljard euro in 2024. 

Elk jaar gaat ruim de helft van de NWO-uitgaven naar de universiteiten. Verder gaat er zo'n 20% naar de NWO-instituten, hoewel dat de laatste jaren is afgenomen naar 15%. De apparaatskosten schommelen tussen de 6% en 10% procent van de totale uitgaven en bestaan uit programmalasten en beheerskosten van NWO.
 

NWO stelt de jaarrekening op volgens het baten-lastenstelsel (RJ 660). Dit houdt in dat de lasten worden verantwoord op het moment dat NWO een financiering toekent in plaats van op het moment van uitbetaling. Een gevolg hiervan was dat verplichtingen die werden gefinancierd met de rijksbijdrage van het ministerie van OCW, werden opgenomen als vordering op de balans.

Een belangrijk gevolg van de overgang naar RJ 660 en de financieringsafspraken met het ministerie van OCW was dat vanaf 2013 een deel van de vordering op OCW niet langer kon worden gewaardeerd. Dit leidde ertoe dat in 2013 dit deel van de vordering OCW werd afgewaardeerd en opgenomen onder de overige reserve.

In 2018 en 2019 zijn diverse gesprekken gevoerd tussen NWO en OCW over de jaarverslaggeving van NWO. Hierdoor heeft OCW haar zienswijze gewijzigd met betrekking tot de langlopende subsidievordering op OCW.

De gewijzigde zienswijze van OCW en de toetsing hiervan aan de geldende kaders en richtlijnen voor de jaarverslaggeving die voor NWO van toepassing zijn hebben uiteindelijk geresulteerd in volledige afwaardering van de langlopende subsidievordering op OCW in 2018. Deze afwaardering is in 2018 eveneens ten laste van de overige reserve gebracht.

Bron: Jaarverslag NWO 2019, p59.

Een uitleg van de gebruikte definities en afkortingen staat op de webpagina definities en afkortingen.