Nederlandse overheidsbijdrage aan R&D - naar type financiering

Geld

Datapublicatie

De R&D-financiering door de overheid kan verdeeld worden over institutionele financiering en project- of programmafinanciering. In deze datapublicatie laten we de ontwikkeling zien van het aandeel projectfinanciering van de Nederlandse overheid door de jaren heen. Vervolgens kijken we naar de verdeling van de project- en institutionele financiering van de R&D-uitgaven per departement.

In het kort

  • Het aandeel projectfinanciering van de Nederlandse overheid in 2024 is 36%.
  • Het aandeel projectfinanciering stijgt o.a. door het Nationaal Groeifonds.
  • Het aandeel project- en institutionele financiering varieert sterk tussen de departementen.

Bij institutionele financiering gaat het om uitgaven aan instellingen zonder dat er sprake is van concurrentie of directe selectie van projecten. Instellingen zijn vrij om deze middelen zelf te besteden. 


Bij project- of programmafinanciering gaat het om middelen die toegekend worden aan een groep of individu om onderzoeksactiviteiten uit te voeren die begrensd zijn in reikwijdte, budget en tijd. Een groot deel van deze middelen wordt via competitie verdeeld. Voor uitgebreidere uitleg, zie: Totale Investeringen in Wetenschap en Innovatie 2024-2030 
 


Directe overheidsfinanciering R&D in Nederland

Inhoudelijke toelichting
Bij R&D-financiering door overheidsdepartementen kan een onderscheid gemaakt worden tussen institutionele financiering en project- of programmafinanciering. Het aandeel projectfinanciering stijgt tussen 2005 en 2010, gevolgd door een licht variërend beeld. Tussen 2010 en 2015 is het aandeel projectfinanciering gedaald, met name als gevolg van het stopzetten van verschillende subsidievormen (zoals de FES-programma’s). Daarna groeide het aandeel projectfinanciering door naar 36% in 2024. De verwachting is dat het aandeel projectfinanciering de komende jaren verder gaat toenemen tot 41% in 2026, onder andere door de middelen van het Nationaal Groeifonds. Daarna neemt het aandeel projectfinanciering naar verwachting weer licht af. 

Nederland heeft met 36% in 2024 een gemiddeld aandeel projectfinanciering wanneer we dit vergelijken met het gemiddelde van de EU-landen met beschikbare data (39%), door de verwachte stijging naar 38% in 2025. Het aandeel projectfinanciering loopt sterk uiteen tussen landen (voor zover informatie beschikbaar). Zo wordt in Oostenrijk in 2024 26% van de R&D-uitgaven van de overheid besteed via projectfinanciering en in België ligt het percentage op 51%.

Directe overheidsfinanciering R&D 2024 per departement

Inhoudelijke toelichting
Departementen die voornamelijk institutionele financiering geven zijn Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) met 80% en Infrastructuur en Waterstaat met 73% (in 2024). Het hoge aandeel institutionele financiering bij OCW is grotendeels toe te schrijven aan de structurele financiering van de universiteiten (eerste geldstroom), die twee derde deel uitmaakt van het departementale onderzoeksbudget. Economische Zaken en Volksgezondheid, Welzijn en Sport, beide departementen met een relatief groot onderzoeksbudget, gaven respectievelijk 66% en 83% van hun onderzoeksbudget uit via projectfinanciering. Algemene Zaken, Justitie en Veiligheid en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties - departementen met een relatief klein onderzoeksbudget - zetten hun onderzoeksbudget volledig uit via projectfinanciering.  

Voor een uitleg van de gebruikte definities en afkortingen verwijzen we graag naar de webpagina Definities en afkortingen.